C'est bien ça Jaar 2 (volwassenenonderwijs) 11 phrases clé
Lijst downloaden(!)
Leren
Gegeven taal
Vertaling
Je voudrais un kilo de pommes.
Ik wil graag een kilo appels.
Et avec ça?
Verder nog iets?
Vous avez du jambon?
Heeft u ham?
On prend de la salade.
We nemen sla.; We nemen salade.
On achète une bouteille de vin?
Kopen we een fles wijn?
On prend un paquet de café.
We nemen een pak koffie.
Je prends quelque chose à boire.
Ik neem iets te drinken.
Je prends quelque schose à manger.
Ik neem iets te eten.
Je prends un café.
Ik neem een koffie.
Je voudrais un croque-monsieur.
Ik wil graag een tosti.
Je préfère un sandwich au fromage.
Ik heb liever een broodje met kaas.
Est-ce que vous avez des glases?
Heeft u ijsjes?
Quels parfums est-ce que vous avez?
Wat voor smaken heeft u?
Ça fait combien?; Combien ça fait?
Hoeveel kost het?
Je voudrais payer tout de suite.
Ik wil graag meteen betalen.